Blog

Het winterlicht op Patmos

Het is half november en nog steeds schijnt de zon iedere morgen onze slaapkamer in als we wakker worden. Rond een uur of zeven zie ik de rode bol verschijnen, ik draai me nog even om. We zijn in winterstand. Winter in Griekenland, xeimona. Maar wat heet winter hier? Het licht is aan het veranderen dat zeker. We merken het als we zitten te ontbijten, de zon staat nu zo laag dat het zeeterras om elf uur al in de schaduw komt. De dagen lijken langer maar de avonden zijn kort.

Griekenland, mijn sprookjesland

Als ik beneden kom zie ik vanuit het woonkamerraam buurvrouw Maria de berg op klimmen. Ze steunt zwaar op twee stokken die ze zelf gemaakt heeft van bezemstelen. Maria is dichtbij de negentig. Ik denk dat ze weer chorta gaat plukken. Maar in oktober? Chorta is een soort beregezonde spinazie die op de berg groeit. Voornamelijk toch in het voorjaar. Ze is de laatste tijd een beetje de weg kwijt dus ik schiet naar buiten om haar te helpen maar hulp is niet nodig zegt ze. Maria woont met haar naar mijn inschatting dertig katten in een piepklein huisje vlakbij ons. Ze leeft van een klein pensioentje van nog geen 400 euro per maand en met wat hulp van familie. Zo nu en dan zetten wij een paar zakken kattenvoer bij haar deur. Een uurtje later word ik gebeld door iemand die Maria op de berg ziet zitten. Ik haal haar met de auto, als ze naast me zit ruik ik het kattenbakluchtje wat ze bij zich heeft. Maar een uurtje later zie ik haar alweer naar boven scharrelen. En in de namiddag als ik thuis kom van het zwemmen hangt er een plastic zakje met iets groens aan de voordeur. Lijkt echt niet op chorta. Ach, lieve Maria toch.

Kalo xeimona!

Zo, we hebben het weer overleefd, de augustus maand in Griekenland. Mens toch, wat een maand. Heet hier en druk op het eiland. Van alles veel teveel. Teveel mensen, teveel auto’s, teveel drukke Italianen en teveel Grieken uit Athene met hun drukke energie. En dan de hitte, zweten en plakken bij alles wat je doet. De dieren liggen voor pampus, die weten wat ze moeten doen, stil blijven liggen. We schoren Dotjes haar weer af en ze zwemt, ja, ze zwemt nu zelf! Bravo Dotje. Het is onvoorstelbaar dat dit eiland na augustus weer normaal is. Want in het weekend na Maria ten Hemelopneming komt de Blue Star Ferry twee keer op een dag om veel van die mensen in één keer mee te nemen. Terug naar hun eigen drukke leven in hun bakken van auto’s.

Hoe verdriet kan samengaan met dankbaarheid

Ik zit aan mijn nieuwe bureau. Mijn lief heeft van een oude tafel de poten gezellig Grieks blauw geverfd en de timmerman uit Skala maakte een supermooi blad voor op die poten. En nu staat mijn bureau dus voor het grote raam in de huiskamer met uitzicht op de altijd blauwe zee. Ik tel de bootjes in mijn baai, zes zeilbootjes en één luxe jacht.

Onthaasten in de drukte op Patmos

Het is zes uur in de ochtend, de wereld is aan het ontwaken. Ik zit op mijn terras en kijk naar de blauwe zee. Blauwe lucht. Twinkeltjes dansen op het water in dit morgenlicht. Vlakbij me in de baai ligt een klein vissersbootje. Nog even en dan zal het wegvaren. Ik hoop op een goede vangst voor de visserman. Aan de overkant waar we een ezelopvang hebben, drentelen de ezels in de eerste ochtendzon. De hele wereld is nog vredig en in rust. Over een paar uur zullen de eerste toeristen verschijnen op het strand onder aan mijn berg. Het wordt een warme dag, ik voel het nu al. Maar op dit moment is het stil net voor de dag begint.

Op naar een mooie Griekse zomer

Deze winter waren we wegens familieomstandigheden even op en neer naar Nederland. Dat was fijn maar nog fijner was het weer op de Blue Star Ferry te zitten en te weten dat we steeds dichter bij huis komen. Midden in de nacht zien we de lichtjes van het Paraskevi kerkje opdoemen. Patmos. Thuis. Eindelijk.